Nieuwe kamerbrief benadrukt kracht en kwetsbaarheid van digitale infrastructuur

De digitale infrastructuur in Nederland is een van de sterkste ter wereld. Niet alleen scoren Nederlanders bijzonder hoog op digitale vaardigheden, maar we hebben ook de middelen om hier optimaal gebruik van te maken. Toch is deze sterke positie niet vanzelfsprekend. Dat is het belangrijkste punt van de kamerbrief Staat van de Digitale Infrastructuur, die vorige week aan de Tweede Kamer is aangeboden.

Foto van gebruik tablet op werk

Belangrijk aandachtspunt in de kamerbrief is dat er momenteel weinig prioriteit lijkt te zijn om nieuwe investeringen mogelijk te maken. Het gaat hier niet alleen om fysieke ruimte voor bijvoorbeeld datacentra, maar ook capaciteit op het energienet. Beiden zijn nodig om ook in de toekomst digitale diensten te kunnen blijven aanbieden aan bedrijven en consumenten.

Voor het eerst heeft het Ministerie van Economische Zaken en Klimaat onderzoek laten doen door een onafhankelijk onderzoeksbureau. Ecorys concludeert dat de rol van digitale infrastructuur in de Nederlandse economie groot is, en blijft groeien. De sector vormt inmiddels 2% van de Nederlandse economie, en is goed voor zo'n 200.000 banen. Hierbij is de bijdrage van de sector aan de digitalisering van andere bedrijfstakken nog niet meegerekend.

Bijzonder hierbij is dat de digitale infrastructuur zowel fysiek als in het energienet een relatief kleine voetafdruk heeft. Slechts 0.02% van het oppervlakte van Nederland wordt ingenomen door digitale infrastructuur, en het gebruikt slechts 0.65% van de landelijke energieconsumptie.

Caribisch Nederland

Ook is er in de brief aandacht voor de staat van de digitale infrastructuur in Caribisch Nederland. In het Caribisch gebied zorgen de geografische ligging en de relatief kleinere schaal voor hogere kosten. Met name Saba en Sint Eustatius blijven achter. Wel wordt er op verschillende gebieden vooruitgang gemaakt. Zo zijn dankzij structurele subsidies de kosten en kwaliteit van het vaste internet op de eilanden sterk verbeterd.

Daarnaast wordt er oog voor nieuwe ontwikkelingen gehouden. Satellietnetwerken bieden nieuwe mogelijkheden om de digitale infrastructuur van de eilanden te verbeteren. Ook wordt in 2024 3 miljoen euro vrijgemaakt om glasvezelnetwerken op de eilanden verder uit te breiden. Dit moet gebeuren in samenwerking met het eilandbestuur en lokale bedrijven.

Vertrekpunten

Tot slot biedt de brief nog vertrekpunten voor verdere beleidsstappen. De minister benadrukt het belang van het in goede banen leiden van impactvolle technologische ontwikkelingen, het behouden van de concurrentiepositie van Nederland, en het handhaven van een gezond vestigingsklimaat. Ook wordt het belang van digitale autonomie benadrukt.

Ook blijft het lokaal niveau belangrijk. Dit blijkt bijvoorbeeld uit het getouwtrek rond het datacentrum dat Facebook-moederbedrijf Meta in Zeewolde wilde bouwen. Dit datacentrum is er uiteindelijk niet gekomen, mede vanwege zorgen om de impact op het lokale stroomnet. De minister benadrukt daarom het belang om het lokale draagvlak niet uit het oog te verliezen.

De volledige kamerbrief is op de website van de Tweede Kamer terug te lezen, samen met de verschillende bijlagen.